Scenario Planning… met oog op de toekomst


Door Tamara Jonkman

Als Junior Docent, werkzaam bij de studie Future Planet Studies van de Universiteit van Amsterdam, kwam ik twee jaar terug in contact met een fenomeen dat ik nog niet eerder zo direct was tegengekomen. Het gaat hier om scenario planning. Deze, voor mij nieuwe, methode bleek al gauw een grotere rol te spelen in belangrijke maatschappelijke vraagstukken dan ik oorspronkelijk had kunnen voorstellen. Het idee dat de scenario’s van het IPCC of het watermanagmentbeleid van de Nederlandse overheid scenario planning aan de basis hadden staan kwam onverwacht. Het was dan ook logisch voor mij om deze realisatie op te volgen met dit artikel; om zo het bewustzijn van mijn mede-lulofsleden, die misschien ook nog niet eerder met deze methode in contact zijn gekomen, over het bestaan en het gebruik van van de scenario planning methode binnen overheid en bedrijven, te vergroten.



Op de middelbare school hebben de meesten van ons voor het eerst kennis gemaakt met de basis van onderzoek, waarbij vaak een idee wordt uitgewerkt tot een hypothese, die op zijn beurt bevestigd of verworpen wordt op basis van observaties of experimenten. Het komt echter steeds vaker voor dat we realiseren dat de complexe systemen waarmee we te maken hebben, welke we proberen te doorgronden, niet altijd te vangen zijn in een duidelijke enkelvoudige theorie. De systemen tonen ons zelden nog directe causale verbanden , maar bestaan uit een wirwar van negatieve en positieve feedbackloops.

Voorbeelden van zulke complexe systemen zijn het klimaatsysteem en nutriëntcycli, maar ook economische markten kunnen we interpreteren als een complexe systemen. Deze systemen hebben een grote invloed op het leven op aarde, en het doorgronden ervan kan dan ook worden gezien als een kwestie van levensbelang. Eén van de manieren om met deze complexe systemen om te gaan, en deze te doorgronden, is het gebruik van modellen. Modellen zijn versimpelde weergaves van de werkelijkheid. Processen en relaties worden nog vaak weggelaten uit modellen omdat hun precieze invloed nog niet duidelijk is of (nog) niet gekwantificeerd kan worden.

Hoewel deze versimpelingen vaak goed te beredeneren vallen, laat het de weg voor kritiek op modellen vrij. Een vrij ernstig voorbeeld hiervan is het ontkennen van het klimaatprobleem op basis van kritiek op klimaatmodellen, zoals gebruikt door het International Panel on Climate Change (IPCC). Dit maakt het dan ook moeilijk om beleid, direct gebaseerd op model resultaten, op te stellen en door te voeren.

Al in de 50e jaren is er nog een andere methode ontwikkeld die kan helpen met het omgaan met complexe systemen , en die de modelresultaten zou kunnen aanvullen en ondersteunen. Voor sommigen is deze methode niets nieuws, simpelweg een ‘tool’ waar ze dagelijks mee bezig zijn; maar voor veel anderen is de methode onbekend. Dat is vreemd als je bedenkt dat onder andere de Nederlandse overheid, maar ook grote bedrijven als Shell, dagelijks bezig zijn met deze methode en hier beleid op baseren. Het gaat hier om scenario planning.

Hoewel de methodes gebruikt bij het schrijven van een scenario per organisatie verschillen, zijn er een aantal elementen die de kern vormen van het scenario planning. Ter illustratie staat er hieronder een voorbeeld van het opzetten van een Scenario plan zoals ook behandeld wordt in de studie Future Planet Studies.

De eerste stap is het definiëren van het doel of een probleem waar het scenario om zal draaien. Dit kan bijvoorbeeld gaan om de waterbeschikbaarheid in een land, maar het kan ook op een kleinere en persoonlijkere schaal, bijvoorbeeld het al dan wel of niet aannemen van een nieuwe baan. Er worden vervolgens een groot aantal trends die invloed (kunnen) hebben op dit onderwerp geïdentificeerd en onderzocht. Vaak wordt uit deze trends een selectie gemaakt op basis van de invloed die bepaalde trends kunnen hebben, in combinatie met de (on)zekerheid van hun ontwikkeling. De gekozen trends die, en van grote invloed zijn, maar wiens ontwikkeling ook het meest onzeker zijn, worden geselecteerd als de drijvende krachten. Vaak worden de scenario’s geschreven uit de verschillende mogelijke ontwikkelingen van deze drijvende krachten. Deze drijvende krachten vormen de basis van een assenstelsel waar de scenario’s op gebaseerd kunnen worden. Het schrijven van de scenario’s word gevolgd door een reflectie waarbij ook adviezen kunnen worden opgesteld; deze zouden dan een richtlijn kunnen bieden bij het werken naar, of juist het vermijden van een bepaalde mogelijke uitkomst.

Een simpel voorbeeld hiervan zou de ontwikkeling van riviermanagement in Nederland kunnen zijn. Hierin zijn rustig een honderdtal trends te herkennen die van belang zijn. In dit geval zouden we de drijvende krachten afvoerontwikkeling en beleid (meer controle/meer ruimte) kunnen kiezen als voorbeeld. Door deze drijvende krachten te gebruiken voor een assenstelsel wordt het misschien duidelijk hoe we hier minimaal een viertal scenario’s uit zouden kunnen ontwikkelen (figuur onder). Deze scenario’s zouden ons inzicht kunnen geven in de gevolgen van bijvoorbeeld een toenemende afvoer door de binnenlandse rivieren en een beleid dat er op gericht is de rivieren te controleren met behulp van dijken of sluizen.


Figuur: Voorbeeld scenario assenstelsel riviermanagement in Nederland. Bronnen afbeeldingen: Waterschappen.nl & Rijkswaterstaat.nl.

Scenario planning lijkt voor sommigen een beetje uit de lucht te komen vallen, maar bestaat in weze dus al sinds de jaren ’50. De vroege ontwikkeling van scenario planning wordt toegeschreven aan Herman Kahn. Kahn was een strategisch denker die mensen aanmoedigde om na te denken over de potentiële gevolgen van een nucleaire oorlog, een controversieel onderwerp in die tijd. Dit zou de eerste stap zijn naar het schrijven van zijn boek: ‘Thinking about the Unthinkable, Crises and Arms Control, On Escalation’. Dit boek werd gevolgd door vele soortgelijke studies door het leger van de Verenigde Staten, welke grote gevolgen hebben gehad voor de ontwikkeling van militaire strategie in die periode.


‘Projecting a persuasive image of a desirable and practical future is extremely important to high morale, to dynamism, to concensus, and in general to help the wheels of society turn smoothly’ – Herman Kahn


De methode die Kahn beschreef werd veelal gezien als onpraktisch en moeilijk toe te passen. Toch waren er verschillende mensen zeer in geïnteresseerd, waaronder de bekende Shell voorman Pierre Wack. Wack heeft scenario planning ontwikkeld tot een toepasbare methode waarvan de resultaten geschikt zouden zijn om een beleid voor de toekomst op te baseren. Hoewel dit al plaatvond in de jaren ’60 van de vorige eeuw, toonden de resultaten hiervan zich pas echt in het begin van de jaren ’70. Door Scenario Planning was Shell als één van de weinigen voorbereid op de plotselinge, hevige stijging in de olieprijzen in 1973. Dit heeft het bedrijf niet alleen door deze oliecrisis heen geholpen, maar er ook voor gezorgd dat het bedrijf zich tot één van de grootste spelers op de oliemarkt ontwikkelde (het andere bedrijf is Exxon geweest).


‘Strictly speaking, you can forecast the future only when all of its elements are predetermined…there are seldom enough of them to permit a single-line forecast that encompasses residual uncertainties’ – Pierre Wack in Uncharted Waters Ahead


Voor de Nederlandse overheid kwam scenario planning voor het eerst in beeld in de jaren ’80 in verband met de ontwikkeling van het nationale watermanagement plan (Policy Analysis for the Water management of the Netherlands, PAWN). Dit is waarschijnlijk ook een gevolg geweest van de aanwezigheid van de RAND (Research ANd Development) corporatie bij de ontwikkeling van PAWN. De RAND corporatie is waar Herman Kahn in de jaren ’50 werkzaam was en voor het eerst gewerkt heeft aan scenario planning.

De ontwikkeling van scenario planning en watermanagement in Nederland zijn door de jaren heen hand in hand gegaan. De opkomst en erkenning van de klimaatproblematiek en de stijgende zeespiegel heeft in Nederland geleid tot de ontwikkeling van een nieuwe reeks scenario’s die gebruikt zijn bij het opstellen van de Deltawet in 2012 en ontwikkelen van het nieuwe Delta plan 2015.

Andere organisaties, zoals de Club van Rome, maken veel gebruik van scenario planning om adviezen en beleid op te baseren. Een voorbeeld hiervan is de vorig jaar uitgebrachte Horizonscan 2050 van de stichting Toekomstbeeld van der Techniek (STT), welke een 50-tal verkenningen van mogelijke toekomsten bevat. Sommige van de beschreven scenario’s uit de Horizonscan 2050 zouden de lezer misschien als onwaarschijnlijk, tot absurd aan toe, lijken, maar allen zijn gebaseerd op een 100-tal (potentiële) ontwikkelingen die op dit moment het vaandel voeren in de maatschappij.

Het is dus moeilijk om een toekomst zonder scenario planning voor te stellen, gezien de mate van het gebruik van de methode alleen lijkt toe te nemen. In een wereld die ook enkel in complexiteit lijkt toe te nemen is het misschien ook wel verstandig om elk stuk gereedschap dat houvast kan bieden met open armen te ontvangen. Wel zou er dan iets te zeggen kunnen zijn voor een grotere naamsbekendheid van de methode waar ondertussen, onbewust, een gedeelte van onze wereld op bouwt.


Bronnen


  Last edit: 2015-09-15 23:02:46.